Allergenen op het etiket


Voor leden van de Stichting VoedselAllergie is extra informatie over het lezen van etiketten beschikbaar op het alleen voor leden toegankelijke deel van de website. Deze etikettenhulp geldt voor de volgende producten: ei, gluten, melk, mosterd, noten, pinda, schaaldieren, selderij, sesam, soja, sulfiet en vis.


Voedselallergenen moeten op het etiket


De wetgeving etikettering allergenen is gebaseerd op de publicatie van het Europees Parlement en is sinds 25 november 2005 van kracht. Ieder Europees land krijgt een bepaalde tijd ter invoering van deze regelgeving. Die tijd is o.a. nodig om verpakkingen met de oude etiket tering op te kunnen maken. Voor Nederland moet de de wetgeving eind maart 2006 volledig zijn doorgevoerd. De Voedsel en Waren Autoriteit (VWA, de vroegere Keuringsdienst van Waren) houdt hier controle op. Nieuw in de wetgeving etikettering levensmiddelen is dat de 25% regel nu 0% regel is en dat vermelding van 12 allergenen verplicht is.


De 25% regel wordt 0% regel
Vóór de invoering van de nieuwe wet geving was de regelgeving: indien een samen gesteld ingrediënt minder dan 25% van het eindproduct uitmaakte, hoefde er geen info op het etiket vermeld te worden. Daarom wist je vaak niet precies wat erin het eindproduct zat. Dit was niet veilig voor mensen met voedsel overgevoeligheid. Vanuit de overheid wordt daarom subsidie gegeven voor het onderhoud van een database met product informatie voor mensen met voedsel overgevoeligheid. Uit deze database (ALBA) worden de merkartikelenlijsten samengesteld. Na de invoering van de nieuwe wetgeving moeten alle ingrediënten van een samengesteld ingrediënt worden geëtiketteerd. Tenzij het samen gestelde ingrediënt onder de uitzonderingsregel van de 0% regel valt.


Uitzondering op de 0% regel
Samengestelde ingrediënten die niet aan de 0% regel hoeven te voldoen zijn, mits minder dan 2% van het eindproduct uitmaken: vetproducten (o.a. margarine), chocolade, vruchtennectar, jam (en jamproducten), geheel of gedeeltelijk gehydrateerde melkproducten en gedistilleerde dranken. Bijvoorbeeld: bij cake met minder dan 2% chocolade hoeft de chocolade niet op het etiket vermeld te worden, tenzij de chocolade een allergeen bevat dat geëtiketteerd moet worden.


Allergenen die op het etiket moeten
Gluten bevattende granen (tarwe, haver, rogge, gerst, spelt, kamut), schaaldieren, vis, pinda en producten op basis van pinda, soja, melk, ei, noten, selderij, mosterd, sesamzaad, zwaveldioxide en sulfiet bij meer dan 10 mg/kg of 10 mg/l. Ook alle producten die van boven genoem de allergenen zijn afgeleid moeten op het etiket staan zoals bijvoorbeeld sojamelk, lactose, caseïne etc. Onverpakte producten hoeven niet geëtiketteerd te worden.


Waarom alleen deze twaalf?
Er is door de Europese overheid gekozen voor deze allergenen, omdat hiervoor met wetenschappelijke onderbouwing bewezen is, dat je er allergische reacties op kunt krijgen. Omdat de regelgeving Europees is, staan er ook allergenen op het etiket die in Nederland bij maar weinig mensen allergische klachten geven. In andere Europese landen vormen deze allergenen dan voor veel mensen wel een probleem. Mosterd is in Frankrijk bij voorbeeld een product waar men ten tijde van de ontwikkeling van de wet geving een toename van overgevoeligheidsreacties op zag (met name bij jonge kinderen). In Nederland komen we die ontwikkeling niet tegen. Mosterd is in Nederland dus geen belangrijk allergeen. Lang niet alle allergenen staan op de lijst van twaalf. Daarom voelen veel mensen zich onbegrepen, omdat zij juist van andere allergenen last hebben dan die nu verplicht op het etiket vermeld staan.


Voordelen nieuwe etikettering
De 25% regel is vervallen, waardoor we op het etiket kunnen zien of een samengesteld ingrediënt een allergeen uit bovengenoemde lijst bevat. Mensen met een voedselallergie voor één of meer van de bovengenoemde ingrediënten kunnen zo beter bepalen of een product veilig gegeten kan worden. Een voordeel is, dat sulfiet voortaan ook op alcoholische dranken vermeld moet worden.


Nadelen
Toch geeft de nieuwe etikettering nog niet altijd voor iedereen duidelijkheid, omdat er uitzonderingsregels zijn. Want niet alle stoffen, die van allergenen zijn afgeleid, moeten op het etiket staan. Op deze stoffen is een zodanig productieproces losgelaten, dat mensen er in principe niet meer op kunnen reageren. Het adviesorgaan van de Europese Unie heeft onderstaande lijst met uitzonderingen samengesteld, omdat van deze stoffen is vastgesteld, dat ze veilig gegeten kunnen worden. Bijvoorbeeld een patiënt met coeliakie zou glucosestroop op basis van tarwe moeten kunnen eten door de bewerking tijdens het productieproces. Sommige fabrikanten vermelden ingrediënten uit de lijst met uitzonderingen toch op het etiket, zodat patiënten en consumenten dus de kennis moeten hebben om te weten dat deze ingrediënten niet meer allergeen zijn. Ook kruisbesmetting valt niet onder de wetgeving, hetgeen tot verwarrende etikettering kan leiden.


Uitzonderingen
Uitzonderingen die niet vermeld hoeven te worden op het etiket, omdat deze stoffen niet meer als allergeen beschouwd worden zijn maltodextrinen op basis van tarwe, glucosestroop op basis van tarwe of gerst, granen gebruikt voor distillaten (sterk alcoholische drank), lysozym en albumine in wijn (voor het klaren van wijn en cider), visgelatine als drager van vitamine en smaakstoffen en als klaringsmiddel in wijn en cider, volledig geraffineerde soja-olie en sojavet/E 306 (natuurlijke tocoferolen), wei in distillaten (sterk alcoholische drank), amandelen/walnoten (als smaakstof in sterk alcoholische dranken), olie van selderijblad, oleohars (gomachtige smaakstof) van selderijzaad, mosterd (zaad, olie en mosterdzaadoleohars).


Kruisbesmetting
Onder kruisbesmetting verstaan we on bedoelde aanwezigheid van heel kleine deeltjes allergenen (sporen) in levensmiddelen. Dit hoeft niet op het etiket te staan. Bijvoorbeeld: een pindavrij product wordt gemaakt in een fabriek waar ook met pindameel gewerkt wordt. Besmetting is dan meestal niet uit te sluiten.


Risico van besmetting
Kruisbesmetting is altijd aanwezig geweest en nooit helemaal uit te sluiten. In principe is er alleen in uitzonderlijke situaties (anafylaxis) risico voor mensen met een voedselallergie. Het is daar om de vraag in hoeverre de wetgeving aangepast zal kunnen en moeten worden.


Verwarrende situatie
Kruisbesmetting wordt toch op het etiket vermeld, zonder dat het risico van deze melding in te schatten is. Bijvoorbeeld: op het etiket is bij de ingrediënten geen opsomming van melk, ei en pinda te vinden. Dan moet het product geschikt zijn bij melk-, ei- en pinda-allergie. Maar wat te doen met de tekst op het pak: ‘dit product is gemaakt in een fabriek waar ook melk, ei en pinda verwerkt worden?’

Waarom verwarrende informatie?
De fabrikant wil kenbaar maken dat 100%-garantie dat een product vrij is van allergenen niet gegeven wordt (fabrikant sluit hiermee productaansprakelijkheid uit). Vaak is dit geen onwil maar onmacht, want de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) controleert niet op kruis besmetting. Maar, als fabrikanten meewerken aan een ALBA-lijst ziet de VWA dat als claim en claims controleren ze wel. Met als gevolg over-etikettering.


Merkartikelenlijsten
Ook producten die op de merkartikelen lijsten zijn onderhevig aan kruisbesmetting; dit is altijd zo geweest. Kruis besmetting is niet uit te sluiten en wordt dus ook niet vermeld in merkartikelenlijsten, wegens onuitvoerbaarheid. ALBA vraagt wel om duidelijkheid van de fabrikant, maar moet vertrouwen op de gegevens van de fabrikant, die vrijwillig meewerkt. In de nieuwe merkartikelenlijst staat voortaan: artikelen zijn vrij volgens receptuur, om verwarring te voorkomen (d.w.z. de genoemde stof komt niet in de receptuur voor zoals opgegeven door de fabrikant). Melding van kruisbesmetting in een product van de merkartikelenlijst kun je doen via: http://www.vwa.nl/. De overheid dacht aanvankelijk dat na de nieuwe etikettering de ALBA-merkartikelen lijsten wel konden verdwijnen, maar na een conferentie met patiëntenorganisaties (waaronder ook de Stichting VoedselAllergie), is ze tot de conclusie gekomen dat dit iets te simpel gedacht is. Een aangedragen voorbeeld uit de praktijk heeft er toch toe bijgedragen dat ALBA voorlopig nog blijft bestaan, maar hoe de toekomst eruit ziet is nog niet duidelijk. De nieuwe etikettering is een stap in de goede richting, maar de informatie op het etiket is nog lang niet afdoende.



Met dank aan Mw C Aarsen, Voedingscentrum.
Meer informatie vind je op
www.voedingscentrum.nl en www.vwa.nl en http://www.allergenenconsultancy.nl