Eczeem


Inleiding

Deze informatie is vooral bedoeld voor ouders van jonge kinderen met eczeem en verder voor iedereen die meer over eczeem in relatie tot voeding wil weten.
Eczeem, waarover we hier spreken, wordt ook wel constitutioneel
eczeem, atopisch eczeem, atopische dermatitis of dauwworm genoemd. Eczeem is een veel voorkomende aandoening bij jonge kinderen en kan veroorzaakt worden door een allergie voor bepaalde voedingsmiddelen.

Wat is eczeem?
Eczeem is een jeukende huidaandoening, als gevolg van een ontstekingsreactie van de huid. Een combinatie van factoren speelt een rol bij het ontstaan ervan.

De verschijnselen van eczeem zijn roodheid, zwelling en warm aanvoelen van de huid. Daarnaast kunnen andere typische kenmerken van eczeem zijn: vochtblaasjes, vochtafscheiding (“natten”), schilfers en krabeffecten. Doordat eczeem altijd in meer of mindere mate jeukt, krabt iedereen hieraan. Door het wrijven en krabben wordt het eczeem mede in stand gehouden. Een kenmerk van eczeem is dat veel van de hier bovengenoemde verschijnselen naast en na elkaar aanwezig kunnen zijn. Eczeem ontstaat vaak rondom de tweede of derde levensmaand en komt bij zuigelingen veel in het gezicht voor (dauwworm). Op latere leeftijd komt eczeem vaker voor op polsen, en in elleboogsplooien en knieholten.

Wat is de oorzaak van eczeem?
Eczeem op jonge leeftijd is meestal erfelijk bepaald. De ernst van dit eczeem kan echter door diverse factoren bepaald worden. Meerdere factoren kunnen tegelijkertijd meespelen.
Daardoor is vaak moeilijk te achterhalen waarom eczeem ontstaat of eczeemklachten toenemen.

Uitlokkende of beïnvloedende factoren kunnen zijn:

  • voedselallergie (koemelk is vaak de grootste, soms de enige boosdoener);
  • allergie voor huisdieren;
  • allergie voor huisstofmijt;
  • allergie voor inhalatieallergenen;
  • blootstelling aan een rokerige omgeving;
  • weersveranderingen;
  • spanning of emoties;
  • contactallergenen (na aanraking van een bepaalde stof).

Een langer bestaande eczeemhuid is meestal erg droog en raakt daardoor makkelijker geïrriteerd door schurende kleding. Een kapotte huid kan sneller geïnfecteerd raken door bacteriën,
waardoor impetigo kan ontstaan.

Voedselallergie
Bij veel zuigelingen is een allergie voor bepaalde voedingsmiddelen één van de oorzaken van eczeem. Eczeem ontstaat in dat geval vaak na overgang van borstvoeding naar flesvoeding,
of na het geven van bijvoeding. De meest voorkomende voedselallergieën bij jonge kinderen zijn koemelk-, kippeneiwit- en pinda-allergie. Behandeling van dit eczeem door een arts is altijd noodzakelijk.

Welke onderzoeken zijn mogelijk?
Volgens de World Allergy Organisation heeft ongeveer 35% van de (jonge) kinderen met atopisch eczeem in het lichaam antistoffen gericht tegen bepaalde voedingsmiddelen (IgE gemedieerde voedselallergieën).

Het onderzoek naar het bestaan van voedselallergie bestaat uit

  • vragen over het vóórkomen van allergische aandoeningen in uw familie (familieanamnese);
  • vragen over het dagelijkse voedingspatroon (voedingsanamnese);
  • vragen over de ziektegeschiedenis (anamnese);
  • lichamelijk onderzoek, afhankelijk van de klachten.

Hierna kan besloten worden tot verder (allergologisch) onderzoek, meestal in de vorm van:

  • een bloed- en/of huidtest;
  • eliminatie-provocatietest.

Uiteindelijk is de meest betrouwbare methode de eliminatie-provocatietest. Het verdachte voedingsmiddel wordt een periode van 4 tot 6 weken weggelaten. Als de klachten verdwijnen, wordt opnieuw het verdachte voedingsmiddel gegeven. Komen dezelfde
klachten dan weer terug, dan is een allergie voor het desbetreffende voedingsmiddel daarmee aangetoond. Bij eczeem zie je vaak dat de klachten maar heel langzaam verdwijnen na het weglaten van een bepaald voedingsmiddel. Geef je het weggelaten
voedingsmiddel weer opnieuw, dan merk je wel dat de klachten in volle hevigheid terugkomen. Goede begeleiding door bijvoorbeeld een diëtiste is hierbij daarom ook heel belangrijk.

Het doen van een (eliminatie-)provocatietest dient onder strikte medische bewaking uitgevoerd te worden of wordt soms zelfs afgeraden indien er in het verleden sprake is geweest van een acute, heftige reactie van de slijmvliezen (opzwellen van de keel,
astma of shock, zie de brochure “Anafylaxie”).


Behandeling

Dieet
Als voedselallergie, zoals bijvoorbeeld een koemelkallergie, wordt aangetoond, dient de oorzaak weggenomen te worden door het desbetreffende voedingsmiddel uit de voeding weg te laten.

Hypoallergene zuigelingenvoeding
In het geval van koemelkallergie zal, in plaats van gewone zuigelingenvoeding, hypoallergene
zuigelingenvoeding gegeven worden. Deze fl esvoeding is speciaal geschikt gemaakt voor baby’s met voedselallergie. Bij hypoallergene zuigelingenvoeding zijn de (koemelk)eiwitten
gehydrolyseerd (voorverteerd). Ze zijn als het ware in stukjes geknipt. Afhankelijk van de grootte van de eiwitstukjes kunnen we gebruik maken van partieel hydrolysaat (deels voorverteerd, alleen geschikt voor preventie), sterk hydrolysaat (sterk voorverteerd) op basis van wei-eiwit of sterk hydrolysaat op basis van caseïne. De behandelend arts weet welke hypoallergene zuigelingenvoeding voor uw kindje het meest geschikt is.

Borstvoeding
Een zuigeling kan koemelkallergie ontwikkelen ondanks dat de baby borstvoeding krijgt. In borstvoeding kunnen kleine hoeveelheden eiwitten van bekende allergenen uit de voeding
van de moeder voorkomen, bijvoorbeeld koemelkeiwit. Deze kleine hoeveelheden zijn soms in staat een allergie te veroorzaken bij de baby doordat het afweersysteem specifi eke antistoffen
gaat maken tegen het (koemelk)eiwit. Als de baby weer in contact komt met deze kleine stukjes (koemelk)eiwit, treden er klachten op. Indien er aanwijzingen bestaan dat deze reactie optreedt,
is het aan te raden dat de moeder dieetmaatregelen neemt en dat deze eiwitten uit de voeding van de moeder weggelaten worden.
Borstvoeding, waarbij de moeder het voorgeschreven dieet houdt, blijft voor de allergische baby nog altijd de beste voeding. Borstvoeding bevat afweerstoffen die de baby extra bescherming
geven tegen ziekteverwekkers, zoals virussen. Ook helpen deze stoffen het afweersysteem van de baby en het nog kwetsbare maagdarmkanaal zich verder te ontwikkelen. De baby kan deze
beschermende afweerstoffen de eerste zes maanden niet of nauwelijks zelf aanmaken.
Vandaar dat het belangrijk is om zes maanden uitsluitend borstvoeding te geven en daarbij zelf dieet te houden. Begeleiding van een diëtist is daarbij noodzakelijk.

Als borstvoeding geven niet (meer) mogelijk of niet wenselijk is, wordt hypoallergene zuigelingenvoeding gegeven.

Bij zuigelingen kunnen bovendien speciale dieetmaatregelen nodig zijn om te voorkomen dat er andere voedselallergieën ontstaan (zie verder onze brochures “Koemelkallergie” en “Preventie”).

Verzorging van de huid
Het verzorgen en behandelen van de huid is heel belangrijk om het eczeem zo goed mogelijk onder controle te krijgen.
Hiervoor zal vaak een combinatie gebruikt moeten worden van een door de arts voorgeschreven zalf of crème met geneesmiddelen en een basiszalf (zie ook: “Zelfzorg” verderop in deze brochure). Soms wordt het gebruik van anti-krabpakjes en/of handschoentjes geadviseerd.

Geneesmiddelen
Een preparaat op basis van corticosteroïden.
Een zalf, crème of lotion op basis van een corticosteroïd bevat een stof, die afgeleid is van het hormoon cortisol dat ook in het lichaam zelf wordt aangemaakt. Zo’n hormoonpreparaat kan door de arts bij de behandeling worden voorgeschreven. Preparaten op basis van
corticosteroïden zijn ingedeeld in 4 verschillende klassen:
Klasse 1 (zwak), klasse 2 (matig sterk), klasse 3 (sterk) en klasse 4 (zeer sterk).
Deze preparaten remmen de ontstekingsreacties in de huid. Bij gebruik volgens voorschrift werken de moderne corticosteroïden voor uitwendig gebruik snel en geven ze zelden problemen.
Zij werken alleen in de huid en worden in het lichaam snel afgebroken, zodat er weinig kans is op algemene bijwerkingen. Ook vermelde bijwerkingen als dunner worden van de huid komen
weinig voor, wanneer het voorschrift van de arts wordt gevolgd:

1. Smeer zo dun mogelijk en alleen op de met de arts afgesproken plaatsen;

2. Meestal zal de arts adviseren om:

  • maximaal 4 à 5 dagen te smeren en dan 3 à 4 stopdagen in te lassen. Hiermee wordt voorkomen dat de huid minder gevoelig wordt voor een bepaalde zalf of crème. Daarnaast wordt de kans op het dunner worden van de huid beperkt;
  • bij zuigelingen alleen klasse 1 en 2 te gebruiken;
  • voor het gezicht alleen klasse 1 te gebruiken;
  • voor de behaarde hoofdhuid een speciale lotion te gebruiken. Het gezicht, de behaarde hoofdhuid en de genitaliën zijn extra gevoelig. Daarom is de kans op bijwerkingen (het dunner worden van de huid) daar groter en wordt hiervoor meestal een lagere klasse lotion, zalf of crème geadviseerd;

3. Klasse 3 en 4 zullen alleen bij zeer ernstig eczeem als crisisinterventie op voorschrift van een specialist worden ingezet.

In overleg met de behandelend specialist kan afgeweken worden van bovengenoemde algemene adviezen.

Zalf of crème op basis van topicale immuunmodulatoren
Elidel en Protopic zijn nieuwe producten die geen hormonen bevatten en in staat zijn om eczeem te onderdrukken. De stoffen in deze producten werken direct op de afweer van bepaalde cellen in het lichaam. Het voordeel van deze zalven is dat ze niet de bijwerking van hormoonpreparaten hebben, namelijk het dunner worden van de huid.
Het nadeel is dat nog niet precies duidelijk is of er op langere termijn bijwerkingen te verwachten zijn. Deze zalven mogen niet gebruikt worden bij kinderen jonger dan twee jaar. De eerste keer moet het recept uitgeschreven zijn door een dermatoloog. Daarna kan iedere arts het recept verlengen.

Teerzalven
Koolteer bevattende preparaten kunnen een goed alternatief zijn bij de behandeling van eczeem, maar ze werken echter niet altijd bij iedereen even goed. Deze preparaten hebben als nadeel dat de geur onaangenaam is en dat ze vlekken in kleding geven. Behandeling hiermee vindt tegenwoordig vrijwel alleen nog plaats bij opname in het ziekenhuis.

Lokaal antibioticum
Preparaten met een antibioticum kunnen voorgeschreven worden als de eczeemhuid ontstoken raakt.

Antihistaminica
Deze medicijnen verminderen bij eczeem vooral de jeukklachten, die onder andere, het gevolg zijn van vrijgekomen histamine. Het middel kan preventief gebruikt worden om de allergische reactie te remmen. Antihistaminica worden bij voorkeur pas vanaf de leeftijd van 1 jaar voorgeschreven.

Zelfzorg
Naast het gebruik van geneesmiddelen op voorschrift van de arts is een goede zelfzorg belangrijk. Het is vaak een kwestie van uitproberen welke producten als prettig worden ervaren.

Binnen de mogelijkheden van zelfzorg, zijn er de volgende tips:

  • gebruik een goede basiszalf of -crème; dit smeersel bevat geen geneesmiddelen, maar dient om de droge huid goed te onderhouden en jeuk te voorkomen;
  • overleg met uw behandelend arts welke basiszalf of –crème het meest geschikt lijkt voor dagelijks onderhoud van de huid; soms wordt een basiszalf voorgeschreven waaraan een jeukdempend middel is toegevoegd;
  • probeer een crème of zalf altijd eerst uit op een klein stukje huid;
  • wanneer het voorgeschreven corticosteroïdpreparaat van de laagste klasse onvoldoende resultaat geeft, bespreek dit dan met de behandelend arts. In de regel geldt dat het meestal beter is kort een wat sterkere klasse te gebruiken, dan te lang een te zwakke. Bespreek het met uw arts als u het vermoeden hebt dat de voorgeschreven klasse niet het gewenste effect heeft.

Helaas bestaat er nog géén gouden middel tegen eczeem. Wat voor de een werkt, hoeft voor de ander niet te werken. Het blijft daarom, ook voor de arts, altijd een kwestie van uitproberen.

Algemene maatregelen en tips:

  • gebruik in bad bij voorkeur een vette olie, voeg deze pas op het laatst aan het water toe en beperk de tijdsduur (liever douchen dan baden);
  • badolie kan onder andere arachide- of sojaolie bevatten; lees daarom het etiket en vraag de behandelend arts of het product voor u geschikt is;
  • douche zo kort mogelijk;
  • gebruik liever lauw dan warm water;
  • gebruik, waar mogelijk, hypoallergene verzorgingsproducten;
    knip de nagels kort;
  • draag zoveel mogelijk katoenen kleding (vermijd wol);
  • gebruik eventueel anti-krabpakjes en/of handschoentjes;
  • vermijd het gebruik van een wasverzachter;
  • zorg voor een koele omgeving (vooral de slaapkamer);
  • vermijd rokerige ruimtes;
  • neem geen huisdieren;
  • beperk de blootstelling aan huisstofmijt, die behalve in huisstof ook voorkomt in beddengoed, knuffels, vloerbedekking, gordijnen etc.
  • is er sprake van een allergie: volg dan de preventieve maatregelen zoals beschreven in onze brochure: “Preventie”;
  • zorg voor afleiding bij heftige jeuk.

In sommige ziekenhuizen werken eczeemverpleegkundigen.
Zij kunnen praktische adviezen geven en ondersteuning bieden bij zelfzorg.

Kan een kind 'er overheen groeien'?
Net als koemelkallergie kan ook eczeem in de loop van de jaren spontaan verdwijnen. De allergische aanleg, het vermogen om allergisch te kunnen reageren, blijft wel bestaan. Soms treden er op latere leeftijd andere allergische klachten op (bijvoorbeeld astma of
hooikoorts), maar dit hoeft niet. Vaak zal de behandelend arts trachten de ontwikkeling van andere allergieën zo veel mogelijk
tegen te gaan en u daarom adviseren om tevens een aantal preventieve maatregelen te nemen (voor meer informatie, zie onze brochure “Preventie”).

Enkele misverstanden rondom eczeem

  • Er wordt nogal eens beweerd dat je door het gebruik van hormoonzalven later astma zou kunnen krijgen. Dat is niet waar. Zoals ook hierboven aangegeven, is het erfelijk bepaald of kinderen met eczeem later astma kunnen krijgen. Het is aangetoond dat het gebruik van hormoonzalven hier geen rol in speelt;
  • Soms wordt beweerd dat aan de hand van de vorm of plaats van het eczeem gezegd kan worden dat het niet met allergie te maken kan hebben. Dat is niet juist. Het verdient altijd aanbeveling op zijn minst te zoeken naar mogelijke oorzaken die het eczeem beïnvloeden;
  • Soms wordt beweerd dat het kindje nog te jong is voor allergietesten. Allergietesten zijn vanaf zuigelingenleeftijd al mogelijk. Het is aan te bevelen een test door een allergoloog, dermatoloog of ervaren kinderarts te laten uitvoeren, omdat het goed interpreteren van een allergietest een specialisme op zich is;
  • Soms wordt geheel onterecht beweerd dat je aan eczeem niets anders kunt doen dan ‘’pappen en nathouden”. Maar al te vaak blijkt dat er wel degelijk iets aan gedaan kan worden. Eczeem is vaak niet te genezen, maar dikwijls zijn er wel oorzaken aan te wijzen waardoor men het eczeem beter onder controle kan krijgen. Als men geen idee heeft waardoor het zou kunnen komen, is het altijd aan te bevelen goed onderzoek te laten doen.
    Bespreek dit met de specialist;
  • Eczeem is niet besmettelijk. Mits de huid niet open of ontstoken is, kun je met eczeem prima zwemmen, zolang het als plezierig ervaren wordt.


Eczeem in het gezin
Een kind met eczeem in het gezin kan een hele belasting zijn. Aanpassingen zijn noodzakelijk. Denk hierbij aan de extra verzorging van de huid, een stofvrije omgeving, het dieet en een
gebroken nachtrust door de jeuk. Ook reacties en ongevraagde adviezen uit de omgeving zijn niet altijd prettig. Daarom hebt u misschien vragen over allerlei praktische zaken rondom het
omgaan met eczeem. Voor vragen, meer informatie of contact met lotgenoten kunt u terecht bij de Stichting VoedselAllergie.

Tot slot
Als eczeem geconstateerd wordt, is het belangrijk om onderzoek te laten verrichten of hiervoor oorzaken gevonden kunnen worden. Bij zuigelingen kan voedselallergie een rol spelen en kan het eczeem, met behulp van dieetmaatregelen, beter beheersbaar gehouden worden.



Met dank aan onze adviseurs:
dr. E. Folkers, dermatoloog, drs. R.A. Holl, kinderarts,
drs. M.H.W.M. Roovers, allergoloog, mw. G. van Beek, diëtist.


Stichting VoedselAllergie, Werkgroep Baby’s en Jonge Kinderen.
Tweede druk, juli 2006.


© Copyright Stichting VoedselAllergie
Overname van (delen van) de tekst is alleen toegestaan na uitdrukkelijke schriftelijke toestemming
van de Stichting VoedselAllergie. Bovendien is bronvermelding verplicht.