Een recent onderzoek in Amerika laat zien dat 50% van de kinderen met voedselallergie zich gepest voelt. Ik werd niet gepest, maar zette mezelf behoorlijk buiten de groep, immers als ik er bij hoorde moest ik mijn probleem delen, en dan lag ik er vast weer uit.  Dus nee, niet gepest maar zo voelde het wel.

 

 

 

Op de middelbare school was ik zo’n meisje dat eigenlijk nergens bij hoorde. Ik was geen ‘Gabber’, ‘alto’ of ‘kakker’. De meeste van mijn vrienden vielen in de categorie ‘nerd’, maar ook daar was ik niet geheel op zijn plek.

 

Ik probeerde dat altijd wel, maar met weinig succes.

 

Mijn kleding was altijd net niet de laatste mode, mijn haar zat altijd veel te keurig   en afzetten tegen mijn ouders was niet echt nodig. Op ballet, waar ik veel was, had ik genoeg vriendinnetjes en ook op school waren er veel mensen in andere klassen waar ik mee op trok. Eenzaam was ik absoluut niet, behalve dan in mijn eigen klas. Daar voelde ik me gewoon niet thuis.

 

 

 

Een keer ging het bijna heel erg mis. We gingen verschillende klassen naar het buitenland. Nu riep ik al nooit van de toren dat ik een allergie had, maar al helemaal niet tijdens deze busrit. Niets te vrezen toch?

 

Als snel lag ik onder zeil en ontstond er feest in de bus om mij heen. Een aantal aanwezigen had bedacht dat het grappig was een pinda te leggen in de mond van elke slaapkop!!! Gelukkig was mijn vriendin wel wakker, en allert!

 

 

 

Het probleem is de dreiging. Soms lijken dingen voor een kind heel grappig die levensgevaarlijk zijn. En ook als dit bedoeld is als grap, het voelt toch echt als pesten. Wat zou het mooi zijn als docenten daar aandacht aan besteden, want is het niet veel vaker zo dat kinderen die pesten het grapig vinden, maar het gepestte kind het als dreiging heeft ervaren?