Allergie en voeding 2018-4
7 < gen Saartje Hontelez en Tim Stobernack, onder- zoekers aan de universiteit van Wageningen, zich af. Beiden zijn sinds dit jaar verbonden aan de BRAIN-studie, waarbij ze honderd jongens met ADHD in de leeftijd van acht tot en met tien jaar volgen tijdens het fewfoods-dieet. ‘Ik ben er toevallig in terecht gekomen; van origine ben ik moleculair bioloog’, vertelt Saartje Hontelez. ‘De relatie tussen moleculaire biologie en gedrag is voor mij nieuw, dus dat vind ik heel interessant. En je ziet bij dit onderzoek ook echt gelijk wat voor effect het heeft, waar je het voor doet. Dat is heel motiverend.’ Ook Tim Stobernack is enthousiast: ‘Ik heb veel ouders en kinderen gezien, veel gesprekken gevoerd; je merkt hoe hard ze op zoek zijn naar een alternatieve behandelmethode. Wat is er nog meer dan Ritalin? En dan hoop je natuurlijk dat met zo’n dieet die vraag wordt beantwoord.’ Wat de BRAIN-studie vooral doet, is dieper gra- ven. Voor en na het vijf weken durende dieet wordt bijna alles gemeten: stoffen in bloed, wangslijm, urine, ontlasting, de darmbacteriën, de hersenactiviteit en verschillen in DNA. ‘We kijken naar the big picture’ , zegt Tim. Het microbioom – dat zijn de bacteriën in de darmen – is daarbij het eerste aandachtspunt, samen met de hersenactiviteit. Darmbacteriën zetten voedsel om in stoffen die in je bloed komen en zo ook in de hersenen. In de hersenen zijn die stoffen weer van invloed op het functio- neren en gedrag. Als er verschillen in darmbacte- riën en eiwitten worden gevonden, kan verder onderzoek zich hierop richten. Zo wordt dieet- onderzoek in de toekomst hopelijk makkelijker. Vergelijken tussen groepen Ook de TRACE-studie, een samenwerkingsver- band tussen kinder- en jeugdpsychiatrie-organi- saties Karakter, Accare, Triversum en het RIVM, zoekt naar de link tussen voedsel en ADHD. Sinds 2015 loopt het onderzoek naar een groep van 222 kinderen met symptomen van hyperactiviteit, impulsiviteit en gebrek aan concentratievermo- gen. Promovendi Annick Bosch en Margreet Bierens vertellen hoe de studie in elkaar steekt: ‘Wij onderzoeken twee dieetbehandelingen bij kinderen met ADHD, met 81 kinderen in elke groep, en dan hebben we nog een derde groep van zestig kinderen die de gebruikelijke zorg ont- vangt. Door die opzet kunnen we de effecten van verschillende behandelingen met elkaar ver- gelijken.’ De twee dieetbehandelingen verschillen alleen qua samenstelling en niet qua opzet. Door deze aanpak hopen de onderzoekers een aantal van de kritiekpunten op het INCA-onderzoek van Lidy Pelsser te weerleggen: ‘Zo weet je of het effect van een dieet niet komt door extra structuur of meer aandacht voor het kind binnen het gezin.’ Het dieet Over de inhoud van het fewfoods-dieet kunnen de BRAIN-onderzoekers niet veel prijsgeven. ‘Omdat we niet willen dat de ouders het van te voren al weten en van alles zelf gaan uitprobe- ren’, legt Saartje Hontelez uit. ‘Het is een lastig dieet om helemaal zelf te volgen. Als je het niet goed doet, heb je kans dat het niet werkt.’ Het dieet is overigens niet nieuw: het bestaat al sinds de jaren tachtig. Wat wel nieuw is, is de manier waarop het dieet wordt uitgevoerd. ‘We beginnen met een uitgebreide versie van het fewfoods-dieet; als dat niet werkt, gaan er langzamerhand steeds meer producten af, tot je steeds dichter bij dat heel beperkte dieet komt. Zo is het voor ouders beter vol te houden.’ Eén van de TRACE-diëten is een eliminatiedieet, vergelijkbaar met een fewfoods-dieet. Of het precies hetzelfde dieet is, kan Annick Bosch niet zeggen: ‘We weten niet precies welk dieet de BRAIN-studie hanteert. Ik kan me best voorstel- len dat de achterliggende gedachte hetzelfde is.’ Anders dan BRAIN begint TRACE met het meest beperkte dieet, en voegt dan langzaam steeds meer voedingsmiddelen toe, om zo te kijken welk voedingsmiddel de reactie opwekt. Het andere TRACE-dieet is een gezond, gebalan- ceerd voedingspatroon, gebaseerd op de richtlij- nen van het Voedingscentrum. ‘Uit onderzoek blijkt dat kinderen met ADHD vaker ongezond eten en soms een tekort hebben aan bepaalde voedingsstoffen. Met dit dieet proberen we de dagelijkse voedingsinname volwaardig te maken. In de praktijk betekent dat meestal meer puur koken, met bijvoorbeeld minder zout en kant-en- klaar-pakjes, en veel minder snoepen.’ Is ADHD een soort voedselovergevoeligheid? Als voedsel een oorzaak is van ADHD-klachten, zou je dit best voedselovergevoeligheid kunnen noemen, volgens de Wageningse onderzoekers. Een ‘klassieke’ voedselallergie is het waarschijn- lijk niet – de INCA-studie toonde eerder geen ver- band met IgE- of IgG-antistoffen aan. Daarom richt de BRAIN-studie zich nu op andere stoffen in ontlasting, urine en bloed. Of ADHD als gedragsprobleem of als voedsel- intolerantie wordt bestempeld, kan een wereld van verschil maken voor kinderen. ‘Als blijkt dat het om voedselovergevoeligheid gaat, voelt zo’n kind zich ineens weer ‘normaal’. Ze krijgen vaak de schuld van hun gedrag, terwijl het niet aan hen ligt’, zegt Saartje Hontelez. ‘Ook coeliakie en astma werden vroeger als psychiatrische stoor- nissen weggezet, nu weten we wel beter.’ Meten, meten, meten Of een kind ADHD krijgt is aan de ene kant gene- tisch bepaald, maar aan de andere kant afhanke- lijk van omgevingsfactoren. Voeding is er daar één van. ‘In eerder onderzoek is al aangetoond dat bij sommige kinderen voeding de oorzaak is van de symptomen en bij andere kinderen niet’, aldus Saartje Hontelez. ‘Wij onderzoeken nu hoe het kan dat voeding zo’n groot effect kan heb- ben op ADHD.’ Ouders en kinderen houden voor en tijdens het dieet een uitgebreid dagboek bij, waarin het gedrag van het kind, alles wat het eet, en de bij- zondere omstandigheden worden genoteerd. ‘Zo kunnen we zo goed mogelijk bijhouden of het kind zich goed aan het dieet houdt.’ Bij TRACE worden de effecten zowel thuis als op school gemeten. Daarvoor moeten ouders en leerkrachten online vragenlijsten invullen, en leerkrachten sturen gegevens over schoolpresta- ties op. Kinderen moeten driemaal een cognitie- ve computertaak uitvoeren om te kijken of de behandeling aandacht en geheugen versterkt. Het zijn niet de kleurstoffen of suiker die je kind druk maken, maar juist de gewone voedingsmiddelen
RkJQdWJsaXNoZXIy NzkyMjk=