anatomy 160524 640Baby’s die een gunstige darmflora bij zich dragen, hebben een kleinere kans op het ontwikkelen van allergieën en astma.

Een gunstige darmflora wordt mede bepaald door een hoge diversiteit aan darmbacteriën. De manier waarop kinderen ter wereld komen – vaginaal of via een keizersnede – en de duur van borstvoeding zijn belangrijke factoren die bijdragen aan de ontwikkeling van een gunstige darmflora. Goede darmbacteriën laten ontstekingsremmende stoffen achter in de darmen. Deze stoffen zijn veel meer aanwezig bij niet-allergische kinderen, zo blijkt uit onderzoek van de Universiteit Maastricht.

In de studie is de darmflora van 440 jonge kinderen onderzocht met behulp van 1453 poepmonsters uit de eerste 31 levensweken van de baby’s. Deze periode is cruciaal voor de ontwikkeling van het immuunsysteem. Ook is een poepmonster genomen en data over allergische reacties en astma verzameld, wanneer de kinderen een leeftijd hadden tussen de 6 en 11 jaar oud.

Uit de resultaten blijkt dat de darmflora van de baby’s niet verschilde tot 13 weken na de geboorte. Daarna was meer verschil te zien, met de grootste verandering in de darmflora na 31 weken. De baby’s die vaginaal waren geboren en langer borstvoeding kregen, hadden meer gunstige bacteriën in de darmen. De kinderen met een gunstigere samenstelling van darmflora bleken minder vaak eczeem of astma te hebben.

De onderzoekers willen nu kijken of voedingsinterventies de darmflora van baby’s kunnen verbeteren. Daarmee zou de kans op allergieën verkleind kunnen worden. Zo’n voedingsinterventie zou al tijdens de zwangerschap kunnen plaatsvinden; baby’s krijgen bij de geboorte namelijk veel darmbacteriën van hun moeder mee en ontstekingsremmende stoffen kunnen zelfs al voor de geboorte van moeder op kind worden overgedragen.

Bron: Voeding NU en Nieuws voor Diëtisten, 2020